Beleid

Het podiumkunstenbeleid in ons land is het resultaat een complex samenspel tussen verschillende overheidsniveaus. België is een federale staat verdeeld in 3 gewesten (Vlaanderen, Wallonië en Brussel) en 3 taalkundige gemeenschappen (de Vlaamse, Franse en Duitstalige gemeenschappen). Sinds de staatshervormingen vanaf 1970 is cultuurbeleid in België een exclusieve bevoegdheid geworden van de gemeenschappen. Maar ook het lokale en provinciale niveau neemt initiatieven, en de laatste jaren is er ook een steeds intensere reflectie over de rol van de EU.

  • Een algemeen overzicht van het cultuurbeleid in België (met aandacht voor Vlaanderen, de Franstalige en de Duitse Gemeenschap) is te vinden in het Compendium for Cultural Policies and Trends in Europe.
  • Op deze pagina's vindt u een overzicht van de verschillende beleidsniveaus en instrumenten, analyses van subsidietoekenningen en achtergrondinformatie over de genese van het Vlaamse podiumkunstenbeleid sinds vooral de jaren 1970.

Welke zijn de belangrijkste instrumenten voor het podiumkunstenbeleid van de verschillende overheidsniveaus?

Vlaanderen

  • Toegang tot de meeste belangrijke Vlaamse beleidsdocumenten krijg je via de portaalsite van het Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media.
  • Het belangrijkste instrument op Vlaams niveau voor de ondersteuning van de professionele kunsten is het Kunstendecreet (2 april 2004, aangepast in 2005, 2006 en 2008). Het biedt een open en samenhangend kader voor alle kunstvormen: podiumkunsten, muziek, beeldende en audiovisuele kunst, letteren, architectuur, vormgeving, nieuwe media, en alle mengvormen daarvan. Over alle disciplines heen wordt er een uniforme subsidieregeling voorzien, gebaseerd op kwaliteitsbeoordeling.
    • Hoe u een subsidie moet aanvragen, welke procedures er gevolgd worden, de samenstelling van beoordelingscommissies, subsidieoverzichten... Alle informatie over het decreet is te vinden op de site van het Agentschap Kunsten en Erfgoed.
    • Een handig overzicht van alle Kunstendecreetdeadlines vind je bij VTi.
    • Een analyse van het podiumkunstenlandschap na de decretale beslissingen voor de periode 2010-2012 vind je in Courant 91 (nov.-dec. 2009)
  • Ook andere decreten en regelingen zijn belangrijk voor het Vlaamse podiumbeleid:
    • Het Decreet Lokaal Cultuurbeleid  geeft gemeenten de kans een integraal en kwalitatief cultuurbeleid op maat te ontwikkelen. Dat kunnen ze vanuit het reeds afgelegde traject en gekleurd door eigen ambities, mogelijkheden en beperkingen. Het decreet benadrukt de sturende en coachende rol van het gemeentebestuur voor cultuurbeleid en vormt een pleidooi voor een open benadering waarin samenhang, deskundigheid en participatie centraal staan. Het decreet stimuleert de diverse lokale actoren tot meer samenwerking, o.a. door de integratie van de wetgeving voor bibliotheken en cultuurcentra binnen dat globale gemeentelijke cultuurbeleid.
      Meer info via de website van het Agentschap Sociaal-Cultureel Werk voor Jongeren en Volwassenen en LOCUS, het steunpunt voor het Lokaal Cultuurbeleid.
    • Op 9 januari 2008 keurde het Vlaams Parlement het 'decreet houdende flankerende en stimulerende maatregelen ter bevordering van de participatie in cultuur, jeugdwerk en sport' goed. Een zo divers mogelijk aanbod voor een zo divers mogelijke groep mensen staat centraal in het participatiebeleid. Het http://www.cjsm.vlaanderen.be/participatiedecreet/ moet het maatschappelijke en centrale belang van participatie verankeren en duurzaam maken in cultuur-, jeugdwerk-, en sportbeleid. Het is een mix van structurele en projectmatige ondersteuning, van initiatieven gericht op de participatie van een breed publiek en van bepaalde kansengroepen, van bestaande maatregelen en nieuwe initiatieven, van subsidies voor publieke en particuliere initiatieven, ... Het participatiedecreet werkt aanvullend en ondersteunend voor de sectoraal georganiseerde decreten en beleidsvoering in de domeinen cultuur, jeugd en sport. Daarenboven stimuleert het sectoroverschrijdende samenwerking en zal zich niet beperken tot ofwel het cultuur-, ofwel het jeugd-, ofwel het sportbeleid. Concreet omvat het participatiedecreet een combinatie van ondersteuningsmaatregelen, waarin vervat het structureel inbedden van de beleidsaandacht voor een aantal specifieke doelgroepen, de verankering van enkele specifieke en sectoroverschrijdende participatie-instellingen en het creëren van een subsidiekader voor vernieuwing rond participatie.
    • Aanbod Podium is een initiatief van de Vlaamse overheid en wil cultuurspreiding bevorderen via een selectiebank van programma’s van diverse gezelschappen en artiesten. Erkende organisatoren kunnen een aanvraag indienen voor een financiële tussenkomst bij het boeken van een programma uit het aanbod van Podium. Deze tegemoetkoming varieert tussen een derde en drie vierde van de uitkoopsom. Naast het stimuleren van organisatoren geeft podium ook (nieuwe) gezelschappen en artiesten een duwtje in de rug.
    • CultuurInvest is een investeringsfonds voor culturele ondernemers. Op de website kan je alle informatie vinden over het investeringsproces.
    • FlandersDC stimuleert creativiteit en ondernemerschap in Vlaanderen met kennis en informatie en start in 2010 met een specifieke werking voor de sector van de creatieve industrie.

België

De federale overheid heeft geen culturele bevoegdheid. Ze is wel verantwoordelijk voor een aantal culturele instellingen van nationaal belang (De Munt, BOZAR), alsook voor bepaalde beleidsterreinen, waaronder arbeidsrecht, sociale zekerheid, belastingen en intellectuele eigendomsrechten.

Europese Unie

In het Verdrag van Maastricht (waarmee in 1992 de EU werd opgericht) is er sprake van het subsidiariteitsbeginsel: als een domein niet tot de exclusieve bevoegdheden van de EU valt, dan mag de Unie op dat vlak enkel een aanvullend beleid voeren dat zich richt op wat de lidstaten apart niet vermogen. Die invalshoek bepaalt tot op vandaag ook het Europese cultuurbeleid.

Europa is wel degelijk actief op het vlak van de ondersteuning van de kunst en cultuur. De bekendste programma’s zijn het zogenoemde Cultuurprogramma (2007-2013) en dat voor de Europese Cultuurhoofdsteden.

Voor de voorbereiding van een Europees subsidiedossier kan bij de Vlaamse Gemeenschap een aparte subsidie worden aangevraagd.

Het Europese cultuurbeleid is volop in beweging. Maar de laatste jaren worden nieuwe pistes ontwikkeld. Europa zet bijvoorbeeld sterk in op de zogenoemde Structurele Fondsen, (http://ec.europa.eu/regional_policy/thefunds/regional/index_en.cfm), die als doel hebben om economische en sociale ongelijkheden binnen de Unie weg te werken. Kunst en cultuur vinden soms - steeds meer - een plek in dergelijke programma’s. Op de mogelijkheden hiervan werd dieper ingegaan tijdens een conferentie over Interreg van VTi, LA Bellone en ONDA tijdens het NEXT-festival 2009, en in oktober 2010 tijdens de conferentie ‘Joining the Dots, bouwstenen voor een duurzaam internationaal kunstenbeleid’, waarvan de weerslag te vinden is in de gelijknamige publicatie.

Lees meer over het cultuurbeleid in de EU:

Provinciale en okale overheden

De meeste steden en gemeenten geven ook financiële steun aan plaatselijke initiatieven. Ook de provincies en de Vlaamse Gemeenschapscommissie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest hebben een cultuurdienst die infrastructuur en/of middelen ter beschikking stelt. Het Forum voor Amateurkunsten maakte in dit verband een handige subsidiewijzer.

Vti-onderzoek

Onderzoek, een van de kerntaken van VTi, is sterk toegespitst op de noden van het beleid en het veld. Een systematische veldanalyse van de praktijk in de podiumkunsten is de voornaamste onderzoekslijn. Cijfermatige analyses op basis van de VTi-podiumdatabank en het materiaal in de collecties, worden aangevuld met kwalitatieve excursies in de diepte en bijdragen van gastauteurs, in een nauwe dialoog met de sector en het beleid.

In Metamorfose in podiumland (2007) analyseerden we de Vlaamse podiumproductie uit de periode 1993-2005. Op 4 april 2011 presenteerden we de opvolger: De ins & outs van podiumland. Een veldanalyse. Daarin worden de veranderingen in de podiumpraktijk sinds 2005 belicht.